Voortgang activiteiten

Paragraaf 3 Onderhoud kapitaalgoederen

Voortgang activiteiten

3.1 Overzicht

Terug naar navigatie - Paragraaf 3 Onderhoud kapitaalgoederen - 3.1 Overzicht

Onderstaand overzicht geeft een beeld van de wijze waarop onze kapitaalgoederen zijn ondergebracht in beheerplannen en zijn vertaald in de jaarrekening. 

Beheerplannen/MJOP Door de raad vastgesteld in Looptijd Financiƫle vertaling in de begroting Achterstallig onderhoud
Wegen 2023 Tot en met 2027 Ja Ja
Riolering 2022 Tot en met 2026 Ja Nee
Groen 2024 Tot en met 2033 Ja Nee
Speeltoestellen 2017 Tot en met 2026 Ja Nee
Gebouwen 2019 Tot en met 2030 Ja Nee
Openbare verlichting 2024 Tot en met 2033 Ja Nee
Kunstwerken en overige elementen 2025 Tot en met 2031 Ja Nee
Havens en waterwegen 2019 Tot en met 2028 Ja Nee
Baggerbeheersplan 2019 Tot en met 2028 Ja Nee

Toelichting
In 2025 is het Beleids- en beheerplan Kunstwerken en overige elementen opgesteld en vastgesteld. Hierin is een integrale plan uitgewerkt met duidelijk doelstellingen voor ons areaal.

Tevens is in 2025 gestart met het Gemeentelijk Rioleringsplan dat in 2026 dient te worden vastgesteld voor de periode vanaf 2027. 

3.2 Wegen

Terug naar navigatie - Paragraaf 3 Onderhoud kapitaalgoederen - 3.2 Wegen

Algemeen
Gedurende het jaar is continu gewerkt om de kwaliteit van de wegen te herstellen. Daartoe zijn er diverse onderhoudswerkzaamheden gestart en uitgevoerd. Conform beheerplan streven we om alle gemeentelijke wegen op kwaliteitsniveau “B” te houden. Dit wordt gemonitord door het uitvoeren van inspecties.

Uitvoeringsplannen
Gedurende het hele jaar is de wegenkwaliteit gemonitord en is het onderhoud planmatig aangepakt. Een voorbeeld daarvan is de aanleg van de bermverbetering bij de Bremweg in Renesse. Een ander voorbeeld is aanhaken bij de herinrichting van de Burghseweg in Burgh-Haamstede. Maar ook de rioolvervanging in Bruinisse, in de Schipperslaan, Noordstraat en Schoolstraat.

Naast deze projecten blijft ook de inspanning van klein onderhoud onmisbaar om wegenveiligheid te waarborgen. Binnen de bebouwde kom is er frequent sprake van lokale schadebeelden. De oorzaken liggen verspreid over wegengebruik en wortelopdruk. We zien dat de aanleg van glasvezelkabels ook een aandeel heeft gehad.

Kwaliteit
De kwaliteit van de gemeentelijke wegen laten we om het jaar vaststellen via een wegeninspectie. Hieruit ontstaat inzicht en allerlei data die een benadering zijn van de wegenkwaliteit. In 2026 staat weer een nieuwe inspectie gepland. Op basis hiervan zullen we bepalen hoe de wegenkwaliteit zich heeft ontwikkeld in de periode 2024 en 2026.

Ontwikkeling
Het op machinale wijze opnemen en plaatsen van elementenverharding vindt steeds vaker toepassing bij projecten. Bijvoorbeeld in 2025 tijdens de bouwfase van de herinrichting van de Noordstraat in Burgh-Haamstede. We zien dat bij machinaal bestraten de benodigde handmatige arbeid sterk reduceert en efficientievoordeel oplevert ten opzichte van traditionele bestrating.

Financien

Exploitatie

Op het exploitatiebudget voor wegenonderhoud melden we een incidenteel voordeel van € 157.000. Zie hiervoor de toelichting bij sub-programma 2.2.

Voorziening achterstallig onderhoud

Het achterstallig onderhoud is in 2025 voor een groot gedeelte ingelopen. Het restant  (€ 108.000) ronden we af in 2026.

Risico's
Er bestaat altijd risico dat door niet tijdig gesignaleerde gebreken aan de weg schades of ongevallen ontstaan. Het risico op schades en ongevallen door gebreken aan de verhardingen ondervangen we zoveel mogelijk door het uitvoeren van weginspecties, waarbij schadebeelden worden vastgelegd. Gebreken van ernstige aard worden vervolgens direct verholpen. Ook de aanleg van kabels en leidingen, waaronder glasvezel is een zeker risico, omdat werken misschien uitgesteld worden. Om dit zoveel mogelijk te beperken voeren we klein onderhoud uit om de kwaliteit te borgen.

3.3 Riolering

Terug naar navigatie - Paragraaf 3 Onderhoud kapitaalgoederen - 3.3 Riolering

Algemeen
De zorg voor de gemeentelijke riolering is vastgelegd in de wet Milieubeheer. In het verbreed Gemeentelijk Rioleringsplan (vGRP) is het beleid met betrekking tot onderhoud, uitbreiding en verbetering van het rioleringsstelsel vastgelegd en wordt de gewenste situatie met betrekking tot de toestand en het functioneren van het gemeentelijk rioolstelsel beschreven. De kosten voor aanleg van nieuwe riolering en aanpassingen als gevolg van uitbreidingen van woonwijken of bedrijventerreinen komen ten laste van de betreffende grondexploitaties. Daarna worden de rioleringen via een areaaluitbreiding overgedragen aan beheer.

Uitvoeringsplannen
De volgende activiteiten zijn in het begrotingsjaar 2025 uitgevoerd:

  • Verdere completering van de rioolbeheerdata; 
  • Continueren van het vervangingsplan Binnenstad Zierikzee;
  • Uitvoeringsplan tot 2028 verder invulling gegeven;
  • Aangevangen met het opstellen van het nieuwe vGRP 2027 - 2031.

Kwaliteit
Om de kwaliteit van riolering in beeld te houden worden inspecties uitgevoerd. In 2025 werd 1/10e deel van ons areaal geïnspecteerd (kern Renesse).

Ontwikkeling

 Samenwerking Afvalwaterketen Zeeland + (SAZ+)
Eén van de belangrijkste speerpunten van de SAZ+ is vroegtijdige afstemming tussen alle Zeeuwse gemeenten, Enduris en Evides. We streven naar uitbreiding van het aantal partijen (disciplines) die hieraan deelnemen, zoeken naar verbeteringen in de (proces-)afspraken en bepalen in hoeverre we dit in gezamenlijkheid voortzetten.

Financiën

Voorziening groot onderhoud riolering
Binnen de voorziening zijn in 2025 bijna geen uitgaven gedaan, net als in 2024.

Voorziening riool vervangingsinvesteringen
Bij de vervangingsinvestering is bij de tweede financiële rapportage 2025 al een groot gedeelte doorgeschoven naar 2026 als gevolg van het prioriteren van werkzaamheden 2026 voor het ingenieursbureau. 

Binnen de vervangingsinvesteringen zijn op het gebied van vrijverval en relining in 2025 de nodige projecten opgepakt. Wel blijft er een behoorlijke opgave staan voor de riolering binnenstad. Zie hiervoor ook de toelichting bij subprogramma 2-2.

Toereikendheid
Beide voorzieningen zijn meerjarig toereikend

Risico’s
De risico’s zijn te overzien. Er blijven echter onzekerheden met betrekking tot de oude gewelf-riolen in de binnenstad van Zierikzee, die ook nog vaak in de achtertuinen van particulieren gelegen zijn.  

3.4 Groen

Terug naar navigatie - Paragraaf 3 Onderhoud kapitaalgoederen - 3.4 Groen

Algemeen
Het openbaar groen is ons natuurlijk en levend kapitaal.  Groen kleedt de buitenruimte aan en zorgt ervoor dat we ons buiten prettig voelen. Wetenschappelijk is aangetoond dat groen in de openbare ruimte effect heeft op het welbevinden en de gezondheid van mensen. Het participeren in groen is rustgevend. Ook is groen een belangrijk instrument in de klimaatadaptatie, bijvoorbeeld in wateropvang en –berging en het tegengaan van hittestress. Openbaar groen kan een grote rol spelen in het vergroten van  de biodiversiteit, wat noodzakelijk is om een evenwichtige en veerkrachtige leefomgeving voor mens en dier te realiseren.

Groenbeleidsplan & groenbeheerplan Schouwen-Duiveland
In maart 2024 is het groenbeleidsplan & groenbeheerplan Schouwen-Duiveland vastgesteld door de gemeenteraad.
Naast de nieuwe ambities / kansen (“vergroenen”) en uitgangspunten die worden meegenomen bij herinrichtingsprojecten / stads-en dorpsvisies en nieuwbouwprojecten hebben we in 2025 de volgende onderdelen gerealiseerd.

Nieuw maaibeleid (gazon en bermen)

In 2025 is het nieuwe maaibeleid ingevoerd aan de westkant van ons eiland. Dit is alles boven de Delingsdijk. Bewoners kunnen de maaikaarten online raadplegen via de website van de gemeente en zijn door middel van actieve communicatie in de Wereldregio op de hoogte gebracht wat het nieuwe maaibeleid inhoud.  Ook zijn nieuwsbrieven gestuurd naar dorps-en stadraden.  In 2025 zijn de voorbereidingen getroffen om in 2026 heel het nieuwe maaibeleid in te voeren. 

Groenrenovaties

In 2025 zijn de lindebomen langs de Nieuwe-Haven vervangen in Zierikzee. Dit was nodig omdat de huidige bomen een ent-probleem hadden en een gevaar voor de omgeving zouden kunnen vormen. Tevens zijn de boomspiegels groter gemaakt en voorzien van vaste planten en is groeiplaatsverbetering voor de bomen toegepast.  Dit geeft de bomen meer groeiruimte en door de nieuwe onder beplanting ontstaat er meer sfeer en kleur in dit toeristische gebied.  

In de Mauritslaan in Zierikzee is de boomstructuur hersteld (ambitie uit het groenbeleidsplan) en is de slechte onderbeplanting vervangen door gras. In het gras is een langdurig bollenmengsel (bloei februari t/m juni) aangeplant.  Dezelfde actie is uitgevoerd in de Van Herstbekestraat in Bruinisse.  De bestaande bomen (sierperen en lijsterbes) waren op en zijn vervangen door een nieuw bomenbestand met meerdere soorten.   We kiezen bewust voor een divers bomenbestand voor een gezonder, veerkrachtiger en biodiverse omgeving die meer voedsel en leefruimte biedt voor diverse insecten etc. Ook zijn de bomen beter bestand tegen ziekten en plagen.

In de grasstrook voor de appartementen in de Emil Sandstromweg zijn bloembollen geplant. Dit geeft fleur en kleur in het voorjaar en is nuttig voor insecten , bijen etc.  Deze bollenplantactie is ook uitgevoerd in een deel van het Slingerbos in Zierikzee en bij de rotonde Weststraat en Laan van St. Hilaire. 

Nulmeting technische staat

Op basis van deze nulmeting zijn in 2025 groenrenovaties in de omgeving Vlasakkers en Haeskenshof voorbereidt en gecommuniceerd met de dorpsraad en buurtbewoners. In 2026 vindt de uitvoering plaats.

Belangrijk uitgangspunt bij renovatie is een doelmatig en effectief onderhoud en om de biodiversiteit te vergroten.

Nulmeting biodiversiteit houtige beplanting en waterpartijen

In 2025 is dit onderzoek uitgevoerd en in een rapportage vastgesteld. Op basis daarvan kunnen we gericht acties uit gaan voeren op het gebied van beheer, uitbreiding en omvormingen om de biodiversiteit te vergroten. Dit moet nog worden verwerkt in een uitvoeringsprogramma.

Aanleg 'Eultje Ouwerkerk

In 2025 is na een intensief ontwerptraject met de dorpsraad het voormalige voetbalveld "omgetoverd" naar een groen "biodiversiteit" park. Dit is gerealiseerd door het planten van circa 50 verschillende boomsoorten, de aanleg van een dorpsboomgaard,  de aanleg van een poel en een steil wand (hierin kunnen graafbijen en andere insecten overwinteren en eitjes afzetten), stukken bosplantsoen zijn aangeplant met inheemse soorten, op diverse plekken zijn bloemenmengsel ingezaaid en een slingerend wandelpad is door het park aangelegd. Ook zijn diverse zitgelegenheden aangelegd. Kortom een aanwinst voor het mooie dorp Ouwerkerk.

Exoten

In 2025 hebben we wederom een aantal locaties van de Japanse Duizendknoop onder de loep genomen. Concreet houdt dat in dat we diverse technieken van bestrijding toepassen. Omdat de plant zo hardnekkig is (moeilijk uitroeibaar) zal dit jaren achter elkaar herhaald moeten worden.  Deze experimenten kunnen we meenemen in het nog op te stellen plan van aanpak beheersing Japanse Duizendknoop.  Wel hebben we in 2025 een conceptbeheerplan exoten opgesteld. In dit plan zijn de meest voorkomende exoten die op Schouwen-Duiveland voorkomen uitgewerkt met bijbehorende beheermaatregelen. Dit beheerplan zal integraal met het plan van aanpak Japanse Duizendknoop worden vastgesteld in 2026. 

Kwaliteit
Met het vaststellen van het nieuwe groenbeleidsplan zijn de kwaliteitszones voor het onderhoudsniveau hetzelfde gebleven. Dit houdt in dat de ambitie voor het onderhoud in centra en accenten  kwaliteitsniveau A is (volgens de CROW-kwaliteitscatalogus). In de woon- en verblijfsgebieden hanteren we de ambitie voor kwaliteitsniveau B.  In 2025 is de behaalde kwaliteit opnieuw structureel getoetst door een externe partij. Over het geheel genomen blijven de resultaten stabiel en in lijn met de gestelde ambities voor de verschillende kwaliteitsniveaus. Wel was er in 2025 sprake van een duidelijke uitdaging in het beheer van onkruid op verhardingen en gevelranden, mede door de beperkte inzet van beschikbare beheertechnieken en de invloed van wisselende weersomstandigheden.

Uitvoeringsplannen
Bij het opstellen van herinrichtingsplannen  of dorpsvisies wordt gekeken naar de kansen en ambities uit het groenbeleidsplan. Ook wordt gekeken of we kunnen 'vergroenen'. In 2025  zijn  drie straten (Schipperslaan, Schoolstraat en Noordstraat) in Bruinisse heringericht. Hierbij is met name de Noordstraat  voorzien van bomen met beplanting. Waardoor een nieuwe groenstructuur is ontstaan, die voorheen ontbrak in de uitsluitend civiel technische inrichting. Dit sluit mooi aan op het nieuwe groenbeleidsplan waarin ingezet wordt op een sterke vergroening van de openbare ruimte dit vanuit het oogpunt van visuele aantrekkelijkheid, gezondheid, veiligheid en klimaatbestendigheid. In de Schipperslaan en Schoolstraat, zijn ondanks de beperkte ruimte, toch ook een kleine vergroeiingslag gerealiseerd.

Speelruimtes
In 2025 is de nieuwe speelkooi bij het transferium in Renesse aangelegd. Deze multifunctionele kooi is een aanwinst voor het lokale bewoners maar ook voor de toeristen. Ook zijn twee bestaande speellocaties opgewaardeerd met nieuwe speeltoestellen: te weten de centrale speelplaats Grevelingenstraat te Sirjansland en de speeltuin langs de  Hofweg in Oosterland.

Naast deze renovaties hebben we speeltoestellen geïnspecteerd en gerepareerd. Hiermee voldoen we als gemeente aan onze zorgplicht.  

Beheer oppervlaktewater bebouwd gebied
Sloten en singels zijn belangrijk voor de aan-en afvoer van water. Dit moet ongehinderd kunnen plaatsvinden. Jaarlijks worden de waterkanten gemaaid en eens in de 8 jaar wordt de bagger (sliblaag) verwijderd.  De gemeente is opgedeeld in 8 baggerblokken. In 2025 is het baggerblok  Burgh-Haamstede ontdaan van de sliblaag. De watergang langs de Grevelingenlaan in Zierikzee is ook nog meegenomen. Daar konden ze in 2024 niet bij in verband met de beplanting. Doel is ook om steeds meer  (natuurvriendelijke) oevers ook ecologische te gaan beheren. Dit kan worden bereikt door bijvoorbeeld een deel van de rietkraag te laten staan. Dit biedt weer schuil-en verblijfsmogelijkheden voor flora en fauna. Het Waterschap Scheldestromen is hierbij een belangrijke gesprekspartner.  Deze partner zal uiteindelijk haar fiat moeten geven omdat zij verantwoordelijk is voor de kwaliteit en kwantiteit van het watersysteem.

Dorpsboomgaarden
In 2025 zijn de laatste 3 dorpsboomgaarden aangelegd, in maart in Noordgouwe en Sirjansland en in november in Kerkwerve.

In totaal zijn in 8 kernen dorpsboomgaarden gerealiseerd. De verdere ontwikkeling van groene ontmoetingsplaatsen vinden buiten dit concept plaats. Zo zijn hoogstamfruitbomen aangeplant bij de herinrichting van 't Eultje in Ouwerkerk, dat in juli 2025 geopend is.

Akkerranden
2025 was weer een succesvol jaar met 22 deelnemende agrariërs en ruim 20 ha. akkerranden. De kapstok voor dit project, de biodiversiteitsvisie, is in 2025 nog niet afgerond, wat betekent dat de opzet van dit project niet gewijzigd is. 

Ontwikkelingen

Bewegen en ontmoeten
Afgelopen jaar  is verder gegaan met de uitwerking van het beweegpark wat tussen woonlocatie Borrendamme en het Pieter Zeeman Lyceum komt. De gemeenteraad heeft hier in 2025 geld voor beschikbaar gesteld. In 2026 volgt de uitwerking met de stakeholders en de aanleg.

In 2025 is het calisthenicspark aangelegd in het Westplantsoen Bruinisse. Dit is een  laagdrempelige sportvoorziening die sociale cohesie en een gezonde levensstijl stimuleert. Ook is in 2025 begonnen met de start van de uitbreiding van het beweegpark in Ellemeet.

Sportvelden
In 2025 heeft de gemeenteraad een krediet beschikbaar gesteld voor de aanschaf van robotmaaiers. Met deze maaiers kunnen we een constant maaibeeld realiseren, wat een dichtere grasmat oplevert met minder onkruid. In 2025 is de aanbesteding voorbereidt, de werkelijk aanschaf zal in 2026 geschieden.   

Financiën

Exploitatiebudgetten groen
Binnen het budget groenbeleidsplan melden we geen afwijkingen. Wel is er een incidenteel nadeel ontstaan van € 141.000 binnen de onderhoudsbudgetten van het UOR. Zie hiervoor de toelichting in subprogramma 2-2.

Voorziening speelruimtes
Financieel zijn er binnen de voorziening speelruimtes geen bijzonderheden te melden.

Toereikendheid
In 2026 gaan we het nieuwe speelruimtebeleidsplan opstellen. Hierbij wordt ook een financiële doorrekening gemaakt. 

Risico’s
Risico’s in de openbare ruimte bestaan hoofdzakelijk uit aansprakelijkheid bij schade door gebreken aan elementen of objecten. Van belang is dat de gemeente voldoet aan haar wettelijke zorgplicht. Om hieraan te voldoen, keuren we de speeltoestellen en inspecteren we de bomen (BVC). Door het uitvoeren van inspecties en keuringen en het nemen van adequate maatregelen blijven de risico’s beperkt.

3.5 Gebouwen

Terug naar navigatie - Paragraaf 3 Onderhoud kapitaalgoederen - 3.5 Gebouwen

Algemeen
Wij bezitten een relatief groot aantal gebouwen. Deze gebouwen moeten op een adequate manier worden beheerd, geëxploiteerd en onderhouden. Het complete beheer is gecentraliseerd, onder andere via Wish. Het cluster Centrale Beheersorganisatie Gebouwen (CBG) is hiervoor verantwoordelijk. Voor het onderhoud wordt gewerkt met een meerjarenonderhoudsplan (mjop) per gebouw. In de begroting zijn alle kosten en baten die behoren tot de centrale beheersorganisatie bij elkaar gezet, zodat hiervoor de (budget)verantwoordelijkheid is gewaarborgd.

Kwaliteit
De raad heeft het kwaliteitsniveau van het uit te voeren onderhoud vastgesteld. Uitgangspunt hierbij is vervanging van het bestaande, sober en doelmatig. Dit houdt in dat we per gebouw bekijken welke onderhoudsactiviteiten uitgevoerd moeten worden om het huidige gebruik ongehinderd voortgang te laten vinden en geen achterstallig onderhoud te laten ontstaan.
Uiteraard doen we dat binnen deze kaders zo duurzaam mogelijk en kijken we bij geplande vervangingen naar de meest duurzame en energiezuinige oplossing die binnen de beschikbare financiële middelen mogelijk is. Ook proberen we, door in de uitvoering verschillende zaken gecombineerd uit te laten voeren door onderdelen door te schuiven of juist naar voren te halen, in de planning zoveel mogelijk voordeel te halen, zodat op het gebied van verduurzaming binnen de voorziening gebouwenonderhoud al zo veel mogelijk gerealiseerd kan worden.  Met de nu onderhanden zijnde  actualisering van de voorziening onderhoud  brengen we de consequenties in beeld voor de actualisatie van de meerjarige onderhoudsplanning 2027-2033, inclusief verduurzamen. Hierdoor kan vanaf 2027 verduurzaming mee lopen in het regulier onderhoud en niet meer apart via de routekaart verduurzaming gemeentelijk vastgoed en de begroting.

Uitvoeringsplannen
De uitvoeringsplannen voor 2025 zijn grotendeels conform onderhoudsplan en beleid uitgevoerd. De afwijkingen worden verder toegelicht bij het onderdeel financiën.

Ontwikkelingen
In 2019 is ingestemd met de actualisering van de meerjarige onderhoudsplanning 2019-2028 en zijn de financiële consequenties daarvan betrokken bij de integrale begrotingsvoorbereiding 2020. Deze actualisering dient om de vijf jaar plaats te vinden en in 2024 hebben we hier zoals al eerder gemeld in samenwerking met bouwbedrijf Boogert en Wish een aanvang mee gemaakt. Zoals in de onderhoudsparagraaf kapitaalgoederen aangekondigd werken we in de loop van 2026 gezamenlijk verder aan de actualisering van de voorziening onderhoud  en brengen we de consequenties in beeld voor de actualisatie van de meerjarige onderhoudsplanning 2027-2033, inclusief verduurzamen. Momenteel bevinden we ons daarvan in de afrondende fase waarna we kunnen starten met het opstellen van een raadvoorstel actualisering van de meerjarige duurzame onderhoudsplanning 2027-2033 welke we u in de loop van 2026 zullen aanbieden. Gezien de prijsstijgingen van de laatste jaren en het implementeren van het verduurzamen in het regulier gemeentelijk vastgoedonderhoud zullen de huidige opgenomen toevoegingen aan de voorziening gemeenlijk gebouwenonderhoud naar verwachting daarvoor niet meer toereikend zijn. 

Financien

Voorziening onderhoud gemeentelijke gebouwen algemeen

Op twee gebouwengroepen, stadhuismuseum en gemeentelijke woningexploitatie,  melden we een nadeel dat gecompenseerd wordt door andere gebouwengroepen. Per saldo betekent dit een nadeel binnen de jaarschijf 2025 van € 47.000.

Voorziening onderhoud gebouwen Reiniging

Binnen deze voorziening zijn geen afwijkingen te melden.

Exploitatiebudgetten

Bij de exploitatiebudgetten gebouwenonderhoud melden we in totaal een overschrijding  van € 83.000.

Risico`s
Binnen het gebouwenonderhoud bepaalt de beleidsmatige afdeling in principe wat er wordt uitgevoerd aan onderhoud aan een gebouw binnen zijn/haar beleidsveld. Het is bij een aantal gebouwen zo, dat bepaald is om alleen het hoogstnoodzakelijke aan onderhoud uit te voeren, omdat nog niet duidelijk is wat er met het gebouw gaat gebeuren (bijvoorbeeld afstoting). Verpaupering en vandalisme kunnen hiervan een gevolg zijn/worden.

3.6 Openbare verlichting

Terug naar navigatie - Paragraaf 3 Onderhoud kapitaalgoederen - 3.6 Openbare verlichting

Algemeen
Het huidige beheer- en beleidsplan openbare verlichting kent een looptijd van 2024 tot en met 2033. Het plan biedt duidelijkheid en kader voor beheer en onderhoud van deze onderhoudscategorie in de kapitaalgoederen.

Kwaliteit
De huidige openbare verlichtingsinstallaties houden we afhankelijk van de locatie bij op kwaliteitsniveau A of B. Kaderstellend daarbij is het beheer en beleidsplan aangevuld met de meest recente versie van Nederlandse Praktijk Richtlijn 13201 (NPR13201). He beheer- en beleidsplan splitst het doel van de openbare verlichting uit naar drie aspecten: sociale veiligheid, verkeersveiligheid en leefbaarheid.

Uitvoeringsplannen
“Verledden” is nog steeds actueel. Wel zien we in 2025 dat bij enkele vervangingen melding werd gemaakt over te hoge lichtintensiteit en of daar naar gekeken kon worden. De beheerder heeft vervolgens beoordeeld of lichtintensiteit plaatselijk kon worden verlaagd zonder risico. In alle gevallen bleek dat mogelijk en later ook te voldoen aan de wens in de situatie. Voorbeelden hiervan zijn het parkeerterrein De Oude Mool (Renesse) en Dijkstraat (Scharendijke).

Ontwikkelingen
Er is een start gemaakt met het inzetten van “aanrijverlichting”. Dit is een type verlichting dat zichzelf automatisch in- en uitschakelt bij langskomend verkeer. Dit heeft een voordeel voor het verbruik van elektrische energie. Met reeds ingezette aanrijverlichting dienen we nog meer ervaring op te doen. Locaties waar het is toegepast zijn Julianastraat (Zierikzee) en op een wegdeel tussen Poortkade en Havenweg (Zierikzee).

Het verlichten van de monumentale paden geven we in aankomende periode verder vorm aan. Tevens onderzoeken we op welke wijze de sportaccommodaties kunnen overstappen tot energiezuinige en toekomstig bestendige verlichtingsoplossingen.

Financiën
Conform het beleidsplan Openbare Verlichting verantwoorden we de lasten op exploitatiebudget in 2025 zijn hier geen afwijkingen op te melden.

Risico’s
Op plaatsen waar geen openbare verlichting staat zijn altijd zekere risico’s ten aanzien van verkeersveiligheid en sociale veiligheid. In het beleid is hier voldoende aandacht voor.

3.7 Kunstwerken en overige elementen

Terug naar navigatie - Paragraaf 3 Onderhoud kapitaalgoederen - 3.7 Kunstwerken en overige elementen

Algemeen
De grotere objecten in de openbare ruimte, zoals bruggen en steigers in binnenwateren, muren, trappen en hekwerken, worden structureel geïnspecteerd en onderhouden. Daar waar geen kwaliteitsniveau is vastgelegd betreft het feitelijk het schoon, heel en veilig houden van de objecten. Alle (elektrische en hydraulische) installaties moeten voldoen aan de geldende NEN-normen. In 2025 is een nieuwe beheer- en beleidsplan ontwikkeld en door de Raad vastgesteld. Het plan kent een looptijd van vijf jaren 2026-2031.

Kwaliteit
Het beheer- en beleidsplan onderscheidt twee ambitieniveaus: ‘centra en accenten’ op kwaliteitsniveau Goed en ‘woon- en verblijfsgebieden’ op kwaliteitsniveau Redelijk. Met een correcte toepassing van het plan wordt planmatig en doelgericht gewerkt aan deze ambities. Het plan biedt hiervoor een duidelijke structuur en bevat uitgebreide toelichting op relevante randvoorwaarden. Zo wordt ingegaan op de geldende wet- en regelgeving en beleidsuitgangspunten. Ook wordt inzicht gegeven in de financiële onderbouwing, waaronder de wijze waarop het plan is begroot en hoe de benodigde middelen zijn geraamd. Daarmee vormt het beheer- en beleidsplan een integraal sturingselement voor zowel uitvoering als verantwoording.

Uitvoeringsplannen
In 2025 zijn de reeds gestarte werkzaamheden voortgezet. Dit valt uiteen in de voorbereidende stappen van groot onderhoud aan bruggen, muren en duikers:

Bruggen:
Het onderhoud aan zowel de Zuidhavenpoortbrug en Noordhavenpoortbrug wordt verder voorbereid. De status bij de Noordhavenpoortbrug is gevorderd tot het bepalen van een geschikte periode voor de uitvoeringsfase. Bij de Zuidhavenpoortbrug wordt in 2026 een plan van aanpak wordt opgeleverd en aansluitend gecontinueerd wordt met het inplannen van de uitvoeringsfase. Klein onderhoud is gedurende het jaar uitgevoerd in afstemming met huisaannemer Haasnoot Bruggen. Aan de Zuidhavenpoortbrug, maar bijvoorbeeld ook in de Perenmeet te Burgh-Haamstede waar een brug werd voorzien van een nieuwe slijtlaag.

Duikers/kademuren:
Een aantal objecten is technisch geschouwd. In Brouwershaven betreft dat het metselwerk van spuisluis Schouwsedijk en het metselwerk van de sluis in de haven. In Zierikzee zijn de kademuren bij de Zuidwellebrug geschouwd. De uitkomsten zullen worden besproken met de inspecterende partij om per object meer inzicht te krijgen en door te kunnen gaan met bepaling van geschikte maatregelen

Muren:
In het vierde kwartaal is opdracht gegeven voor groot onderhoud aan twee inrichtingselementen. Het gaat om een keerwand bij het strand van Westenschouwen en een vijverbeschoeiing in Nieuwerkerk. De objecten zijn er zeer slecht aan toe en behoeven beide renovatie. De uitvoering van de werkzaamheden is opgedragen en de verwachting is dat dit spoedig zal kunnen starten.

 Ontwikkelingen
In 2025 is de constructieve veiligheid van de Zuidhavenpoortbrug onderzocht met als doel inzicht te verkrijgen in de huidige technische staat conform de geldende veiligheidsnormen. Uit de resultaten blijkt dat de constructieve veiligheid op orde is. De brug voldoet aan de gestelde eisen en kan veilig worden gebruikt. In aankomende periode zijn er wel maatregelen aan de Zuidhavenpoortbrug benodigd om de kwaliteit naar de toekomst te borgen. Vanaf 2026 zullen inspecties voor de constructieve veiligheid worden doorgezet voor andere kunstwerken.

Financiën
Binnen de budgetten in 2025 zijn geen afwijkingen te melden.

Risico’s
De kwaliteit van de meeste kunstwerken is in beeld. Om risico’s te beheersen voeren we periodiek inventarisaties en inspecties uit en volgen we advies. Het blijft van belang, zeker bij oude kunstwerken, de juiste onderzoeken tijdig en juist uit te voeren. 2026 wordt een jaar waarin de werkzaamheden die we uitvoeren meer inzicht zullen gaan geven in de kwaliteit van het areaal. Het risico bestaat eruit dat sommige objecten zwaarder eraan toe zijn dan vooraf kon worden gedacht.

3.8 Havens en waterwegen

Terug naar navigatie - Paragraaf 3 Onderhoud kapitaalgoederen - 3.8 Havens en waterwegen

Algemeen
In het meerjarenperspectief is het onderhoud opgenomen om de havens op een adequaat niveau te houden aan de hand van een meerjarenonderhoudsplanning (MJOP) voor de periode 2020 tot en met 2040. Daarbij spelen we ook in op prioriteiten, die vooral in een onderhoudsgevoelig gebied als havens voorkomen. Het dagelijks beheer van de havens berust bij de gemeentelijke havenmeesters, het reguliere onderhoud wordt uitgevoerd door een gespecialiseerde aannemer.

Uitvoeringsplannen
Het regulier onderhoud voerden we met onze partner Aquavia uit op basis van het beginsel en de resultaatafspraak schoon, heel en veilig.

In 2025 hebben we verschillende werkzaamheden uitgevoerd zoals:

  • Vervangen van de E kast op de loswal in de Vluchthaven;
  • Het aanbrengen van ledverlichting op acht havenlichten van de lijnverlichting haveningang Brouwershaven;
  • Het geheel conserven van de golfbreker (inclusief palen) in de Vluchthaven te Bruinisse;
  • Het amoveren van twee loopbruggen inclusief palen in het oostelijk gedeelte van de Vluchthaven te Bruinisse;
  • Aanbrengen van antislip (zeven stuks) overgangsplaten op divers plaatsen op steigers in Zierikzee.

De restauratie van de kademuren van de Oude Haven in Zierikzee is nog niet gestart wegens een procedure bij de Raad van State en vervolgens een nieuwe aanbestedingsprocedure met de aannemer. 

Baggeren
In 2025 hebben er geen baggerwerkzaamheden plaatsgevonden.

Ontwikkelingen
Het rapport Kostendekkendheid havens, op basis van de uitgangspunten vanuit de Wet Markt & Overheid, is door de gemeenteraad vastgesteld met een ingroeimodel van vijf jaar vanaf 1 januari 2025.

In 2025 vond de aanbestedingsprocedure plaats voor een nieuw contract regulier onderhoud havens.

Financiën
Over de onderhoudsbudgetten van de havens in 2025 zijn geen bijzonderheden te vermelden. Bij de jaarrekening is sprake van een kleine onderschrijding.

Glooiingen

Bij het plan van aanpak Glooiingen melden we een voordeel van € 321.000. Zie hiervoor de toelichting in subprogramma 2-2.

Voorziening baggerbeheerplan
Binnen de voorziening baggerbeheerplan was er in 2025 een bedrag geraamd € 293.000 voor de havenmonding Brouwershaven. Uitvoering heeft niet plaatsgevonden wegens andere prioriteiten binnen de beschikbare capaciteit. 

Toereikendheid
De voorziening is meerjarig toereikend. 

Havens
Op basis van de MJOP is het  onderhoud in de havens adequaat uitgevoerd, we maakten  daarbij gebruik van de beschikbare budgetten.

Risico’s
Er blijft altijd een klein risico dat door niet tijdig gesignaleerde gebreken in de havens schades of ongevallen ontstaan. Het risico op schades en ongevallen door gebreken in de havens wordt zoveel mogelijk ondervangen door controle van de havenmeesters en Aquavia op eventuele calamiteiten.

3.9 Conclusie

Terug naar navigatie - Paragraaf 3 Onderhoud kapitaalgoederen - 3.9 Conclusie

Het noodzakelijke inzicht in de consequenties van beheer en onderhoud van de kapitaalgoederen is voldoende. In 2025 was het verder optimaliseren van het beheersproces wederom het speerpunt.

Voor de onderdelen  Kunstwerken is in 2025 een nieuw beheer- en beleidsplan opgesteld en start de nieuwe beleidsperiode in 2026. Hiervoor is in 2025 de focus gelegd om de periodiek uitvoeren van inspecties en de maatregelen geprioriteerd.